We zijn onderweg
Op 30 september jl. organiseerde het Lerend Netwerk van Zilveren Kruis, in samenwerking met Reable Nederland en CZ, een werkbezoek bij ouderenorganisatie De Wever. Zo’n zestig belangstellenden waren aanwezig om zich te laten inspireren door hoe De Wever met het reablement-gedachtegoed werkt in de praktijk. Ronald Simons, directeur van Vereniging Reable Nederland, was ook aanwezig en doet verslag van wat hem opviel.
Op het programma stond onder meer een bezoek aan een nieuw wooncomplex dat is ingericht naar het reablement-gedachtegoed. ‘Je ziet er niet overal de naam van De Wever en van binnen ziet het er meer uit als een appartementencomplex dan als een regulier verpleeghuis’, vertelt Ronald Simons. ‘Op de begane grond heb je de gemeenschappelijke voorzieningen. Er zit een restaurantje en plekken waar mensen elkaar kunnen ontmoeten. Vanaf de eerste verdieping heb je appartementen zoals je dat in een regulier complex ook hebt.’
Jong en oud: woonmaatjes
‘Wat ik heel leuk vond, was het concept ‘woonmaatjes’ dat ze er hebben ingevoerd. In een aantal appartementen wonen jonge mensen. Met hen is afgesproken dat ze wat minder huur betalen dan gebruikelijk en in ruil daarvoor bijdragen aan wat erin het gebouw gebeurt en af en toe de oudere bewoners helpen. We maakten kennis met een jong stel van in de twintig dat er woont. Zij werkt ook in de zorg (bij een andere organisatie dan De Wever) en maakt gemakkelijk contact met de doelgroep. Hij wordt in het gebouw ‘de nerd’ genoemd omdat hij goed is in digitale snufjes, bijvoorbeeld om de gordijnen open en dicht te doen en de verlichting te bedienen. Hij vindt het leuk om daarmee bezig te zijn. Ouderen kunnen bij hem terecht als ze willen weten of het ook voor hun interessant kan zijn en hoe het werkt.’

Van zorg naar gewoon leven
‘Het idee is dat het in dit gebouw meer lijkt op het gewone leven. Je merkt het ook bijvoorbeeld op eetmomenten. Dan liggen borden en bestek wel klaar, maar als mensen aanschuiven dekken ze zelf de tafel. Dat is om mensen te stimuleren meer zelf te doen. Het zit ook in details. In reguliere verpleeghuizen hangen bijvoorbeeld vaak bordjes op de kastdeuren zodat het personeel weet wat erin zit. Zoiets benadrukt dat je in een verpleeghuis bent en niet in je eigen huis. Dus in dit wooncomplex hangen geen bordjes op de kasten. Ze proberen zoveel mogelijk het gewone leven te benaderen in dat pand. In het begin moest de nachtdienst eraan wennen dat er jonge mensen ’s nachts in het gebouw rondliepen. Dat riep in het begin vragen op, maar ja, die komen soms midden in de nacht thuis. Dat gebeurt in een gewoon appartementencomplex ook.’
Koersvast
‘Alle bewoners woonden al op een andere locatie van De Wever. Sommigen waren gewend dat de tafel voor ze werd gedekt en dat er voor ze gezorgd werd. Die vertoonden wel wat weerstand in het begin. Het was even zoeken hoe je daar goed mee omgaat, bleek uit het verhaal. Ook medewerkers vinden het soms lastig om niets over te nemen van de bewoners wat ze zelf kunnen. Maar degene die erover vertelde, liet doorschemeren dat ze vrij koersvast zijn.’ Ronald Simons sprak bij De Wever met een soort ambassadeurs die ze daar ‘reablers’ noemen. ‘Die medewerkers zijn enthousiast over het reablement-gedachtegoed en begeleiden collega’s als ze er ook mee gaan werken.’
Bewust kiezen voor het reablement-gedachtegoed
‘In een workshop kwam onder andere de vraag naar voren hoe je de teams selecteert die met reablement aan de slag gaan. Bij De Wever gaan ze eerst met een team in gesprek over welk beeld ze hebben van reablement. Zo weet je waar die medewerkers staan en kun je daar met je ondersteuning bij aansluiten. En je weet dat het team ook echt wil. Een van de ‘reablers’ gaf aan dat het soms frustrerend is als je met een nieuw team weer helemaal bij het begin moet beginnen, maar voegde er ook aan toe dat iedereen een eigen leerproces moet kunnen hebben.’
In de praktijk blijkt dat 50% van de mensen die dit LAT programma
volgt binnen 12 weken uit zorg zijn.
Kleine veranderingen met groot effect
De andere workshop ging over de interdisciplinaire samenwerking in het Langer Actief Thuis programma (LAT). Het is een twaalfweeks programma waar het gaat om wat de hulpvrager motiveert en belangrijk vindt. ‘Dat zijn soms andere dingen dan je in eerste instantie denkt’. In de praktijk blijkt dat 50% van de mensen die dit programma volgt binnen 12 weken uit zorg zijn.
Ook intramuraal werkt De Wever vanuit het reablement-gedachtegoed. Ronald Simons vertelt dat er een praktijkvoorbeeld aan bod kwam van een mevrouw die werd gedoucht op een douchestoel. ‘Maar ze wilde dat wel zelf doen. Toen kwam een medewerker op het idee die douchestoel om te draaien, naar de kraan toe, zodat mevrouw zichzelf kon douchen. Ze kreeg er ook nog wat oefeningen voor. Uiteindelijk hoefde er alleen maar iemand in de buurt te zijn, terwijl mevrouw zelf onder de douche ging. Dat zijn kleine voorbeelden met als groot effect dat iemand minder afhankelijk is.’
Betrokken bestuurders, gaan waar de energie is en elke dag leren
Ronald Simons ziet een aantal succesfactoren in de aanpak van De Wever. ‘Ten eerste de betrokkenheid van de bestuurders. Ten tweede gaan waar de energie is en de mensen die enthousiast zijn ondersteunen ze. De derde factor is dat ze onderling kennis en ervaring delen. Ze zijn zich ervan bewust dat ze onderweg zijn en daarbij tegen van alles kunnen aanlopen, maar dat lossen ze samen op en leren nog elke dag.’
Organisaties zijn meester van hun eigen ontwikkeling
De deelnemers van deze dag waren allemaal net of al wat langer bezig met het reablement-gedachtegoed in hun organisaties. ‘De Wever stelde zich bescheiden op omdat het ‘work in progress’ blijft, maar ik denk dat ze een mooi inkijkje in de keuken hebben gegeven’, vertelt Ronald Simons. ‘Dit soort werkbezoeken kunnen we in de toekomst vaker organiseren. Daar werkt vereniging Reable Nederland als kennispartner van netwerken van CZ en Zilveren Kruis ook graag aan mee. Wat ik mooi vind is dat we tweeënhalf jaar geleden met een lampje moesten zoeken naar de praktijkvoorbeelden. Er zijn er steeds meer.’ Hij benadrukt: ‘Ieder organisatie loopt een eigen pad als het gaat om het invoeren van het gedachtegoed en maakt daar eigen keuzes in. Mensen zijn meester van hun leven, maar ook organisaties zijn meester van hun eigen ontwikkeling. Op deze middag werden mensen aangemoedigd weer een stap te zetten.’
Mogelijk ook interessant
Whitepaper ‘Eerder ziek en langer gezond’
We zien de afgelopen periode geregeld nieuwsberichten verschijnen over leegstand in verpleeghuizen. Ook horen wij van leden en zorgkantoren over de dalende vraag naar wijkverpleging. Dat roept vragen op. De belangrijkste is misschien wel: hoe anticipeer je hierop als VVT-organisatie?
